De Baarnse watertoren is in 1903 gebouwd naar ontwerp en in opdracht van de Utrechtse Waterleiding Maatschappij. Deze maatschappij kwam voort uit de in Luik gevestigde Compagnie Génerale des Conduites d’Eau, die opdracht tot aanleg, financiering en exploitatie van de stadswaterleidingen in de Utrecht en omstreken wist te verkrijgen.

artikel AC 1903-1-20 ontv inschrijvingen op aanbesteding watertoren

Deze Luikse maatschappij, een fabrikant van waterleidingbuizen, had ervaring met de aanleg van waterleidingstelsels in andere Europese steden. In 1881 verwierf deze maatschappij een concessie van de provinciehoofdstad om schoon drinkwater te leveren. Dit betekent de opdracht tot de aanleg, financiering en exploitatie van de stadswaterleidingen. In 1889 werd het bedrijf omgedoopt tot de ‘Utrechtsche Waterleiding Maatschappij’ (UWM).

Soestduinen is een gunstige locatie voor de waterleidingproductie, omdat er op niet al te grote diepte zuiver water aanwezig is, voldoende zand voor de filterbassins, een spoorlijn in de buurt voor de aanvoer van kolen voor de pompmachine, en er is een heuvel van waar een reservoir voor voldoende druk op de leidingen zorgt.

Begin 1903 schrijft de directie een aanbesteding uit voor de onderbouw (schacht) en de stenen omhulling van het reservoir. De buizen werden natuurlijk door UWM zelf geleverd, het materiaal voor het reservoir werd op maat gemaakt geleverd door een Duitse fabrikant die een licentie van Intze bezat (zie reservoir).

De aanbesteding leverde vijftien inschrijvingen op en de opdracht werd gegund aan een aannemer uit Apeldoorn. Eind 1903 is de watertoren opgeleverd, getuige de gevelsteen met ‘october 1903’.